Het Diakonessenhuis in Zeist verbouwt al jaren. Dat levert zoektochten op. Midden in de nacht naar de spoedeisende hulp met een hockeykind, hevig bloedend aan zijn hoofd: confrontatie met een dronken ’gast’. Ik rij het terrein op, speurend naar de nachtingang of aanduiding voor de spoedeisende hulp. De hoofdingang blijft over. Auto parkeren. Naar de receptie: “Voor de spoedeisende hulp moet u iets langer de weg vervolgen en dan rechts af.” Terug de auto in. Verder zoeken: de juiste ingang lijkt gevonden. Maar waar mag je parkeren en welke deur is de goede? De bebloede theedoek kleurt roder.
Bij daglicht later de bewegwijzering nog eens bekeken. Blijken er twee enorme borden langs de weg aan te geven welke afdelingen er zijn: veel. Daartussen staat in het zwart en klein: “SPOEDZORG”. Inderdaad met een pijltje naar verderop. Het lijkt er een beetje tussengepropt. Je moet wel de rust nemen om goed naar de borden te kijken. En wie is ’s nachts rustig op weg naar de spoedhulp?
Vorige week ’s nachts om half 3, fietst mijn 17 jarige zoon, door mijn ervaring wijzer, naar de juiste ingang. De deur blijkt dicht. Hij: een niet te stoppen bloedneus. Aanbellen. Na minuten verschijnt iemand aan de deur. ‘Of hij even om kan lopen naar een andere deur”…..spoedeisende hulp!
Betere bewegwijzering? Albert Heijn lukt het goed tijdens verbouwingen en bij winkelopeningen. ‘Slechts een winkel’? Schiphol dan? Ook jarenlang verbouwd. En steeds voor iedereen duidelijk waar je mag parkeren en hoe je bij de juiste vertrekpier komt. Duizenden mensen per dag, die zo hun vliegtuig niet missen. Waarom kan een ziekenhuis dat niet?
1 reactie op “Spoedeisende hulp”
Het is een kwestie van geestesgesteldheid van ‘zorgaanbieders’.